De lerende docent

In ontmoeting de volgende stap te zetten

Over regie over tijd en goed genoeg zijn.

Met gemengde gevoelens sluit ik gister de dag af. Was het nou een goeie dag of niet.

En net die gemengde gevoelens brengen mooie inzichten.

De dag begon prachtig. Ik skype een uur met een student. Geheel vrijwillig doen hij/zij en ik dat. Omdat ik aangeboden heb om hem/haar te begeleiden in een voorzittersrol, om er een echte leerervaring van te maken. En hij/zij die JA! zegt, die kans grijpt. Tijdens dat uur zie ik een paar keer die blik in de ogen waar ik als mens/docent het voor doe. Dat moment waarop theoretische concepten gekoppeld worden aan de eigen ervaring en een nieuw perspectief ontstaat. Het moment waarop feedforward blijft plakken.

Vervolgens is het tijd om een nieuw briefje van de kast te pakken.

 

Echt zin heb ik in geen van allen. Niksdoen is geen optie, dan loop ik later vast. Het wordt ondernemingsplannen nakijken. Het grote uitstellen begint. De afspraak met de kapper en de garage die ik al lang moest maken worden gemaakt, ik lunch vroeg. Enfin, misschien herken je het wel.

Een vriendin aan de telefoon. We delen onze uitdagingen en Cool!-momenten. Eind van het liedje is dat ik vaststel dat ik twee keuzes heb:

  • Van het nakijken een soort van spelletje maken. Hoe kan ik het zo snel mogelijk, steeds sneller. Zodat het binnen de gegeven tijd past.
  • Doorvoelen waarom ik dit zo lastig vind. Er echt even helemaal ingaan, in de pijn en de frustratie.

Keuze 1: Wat kan wel binnen de tijd

Ik kies voor de eerste. Stoer zet ik op twitter:

 

Stoer omdat dit tegen al mijn instincten ingaat. Studenten mogen er niet de dupe van worden dat ik te weinig tijd krijg voor een taak. Ik herinner mezelf aan wat ik leerde uit “Getting teams done”. Als jij altijd alles oplost geef je het systeem geen kans om te leren.

(Ter info, ik heb vorig jaar intern al aangegeven dat de correctietijd onvoldoende is. Het kon niet veranderen)

Wat kan wel binnen die 25 minuten. Ik ga moeizaam de uitdaging aan.

Ik heb dus 150 minuten voor de 6 ondernemingsplannen.

  • Na 40 minuten heb ik alle bestanden bij elkaar en kan het nakijken beginnen.
  • Gemiddeld heb ik per ondernemingsplan na 30 minuten de Rubric ingevuld en de verplichte feedback (alles onder de 6 krijgt feedback) gegeven. Koffiepauzes niet inbegrepen.
  • Ik ben nog niet klaar, ik wacht nog op de punten van de docente communicatie. Die moet ik dan nog invullen, het formulier uploaden op blackboard, de punten invoeren in Osiris. Waarschijnlijk nog 60 minuten werk.

Waarschijnlijk alles bij elkaar dus 280 minuten. Net als bij het formatief nakijken ga ik dus toch ruim over de toegewezen tijd heen.

Keuze 2, waar komt de weerstand vandaan?

Ik doe tussendoor en achteraf toch ook keuze 2. Het ongemak, de weerstand toelaten en kijken waar het vandaan komt.

Ben ik wel Goed genoeg voor de studenten in het moment

Over twee weken geef ik deze Rubric en feedback aan studenten in een apart daarvoor geroosterd moment.

Angst 1:

Als ik 20 blz lees en beoordeel in 30 minuten, met een rubric die niet gedetailleerd is, dan doe ik dat holistisch. ik neem alles in ogenschouw en geef een punt. Het waarom ervan verwoord ik in mijn hoofd bij het toekennen ervan. Opschrijven van dat proces kan ik niet (teveel woorden).

Als studenten me straks vragen waarom ze dat punt kregen moet ik waar ze bijstaan het proces snel overdoen. Anders kan ik dat niet verwoorden. Kan ik dat wel en kom ik dan op hetzelfde punt uit?

Angst 2:

Je kan niet slagen voor het ondernemingsplan als het rapportage-technisch onvoldoende is (taal/layout/structuur, APA enz). Dat betekent in de praktijk dat de meeste ondernemingsplannen een onvoldoende krijgen in de eerste kans. Alles mag dan aangepast worden voor die tweede kans. Wat als gemotiveerde studenten willen weten hoe ze bepaalde onderdelen waar ze 6 of meer haalden nog willen verbeteren. Kan ik dat over 2 weken dan goed verwoorden. Ook daarvoor moet ik dan het proces weer snel overdoen waar ze bijstaan.

Inzicht

Kort samengevat komt de pijn dus hier op neer. Ik besteed eigen tijd (niet betaald en voor mij kostbaar) aan dit corrigeerproces en de angsten gaan er niet van weg. Die angsten komen voort uit “het goed willen doen voor de student in het moment”. 

De kunst is voor dat toekomstige moment te vertrouwen op:

  • in dat moment ga ik het zo goed doen als ik op dat moment kan
  • mijn ervaring met het onderwerp en al 8 jaar meedoen met deze module
  • studenten pikken ook mijn intentie om het voor hen goed te willen doen op

De macht over mijn tijd

Het is weer niet gelukt om het binnen de tijd te doen. Sneller dan dit kan ik het (nog) niet.

Rationeel zeg ik dan tegen mezelf: het systeem onderschat de tijd nodig voor dit soort taken. Je collega’s lukt het ook niet binnen de tijd.

Eronder ligt een hele stiekeme overtuiging: als ik goed genoeg was kon ik het binnen de tijd. Dat lukt niet, dus ik ben niet goed genoeg.

Een overtuiging die totaal niks bijdraagt. Met het schrijven hiervan laat ik die los. Een goeie docent zijn heeft niets te maken met binnen welke tijd je taken kan uitvoeren.

Tijd heeft wel met zelfzorg te maken. Als ik ja zeg tegen taken die ik blijkbaar niet binnen de tijd kan uitvoeren dan geef ik een ander (het systeem) de macht over mijn tijd. We hadden een afspraak over hoeveel uur ik me zou inzetten en die afspraak wordt gebroken. Op zo kleine schaal dat het lastig is het op te merken. En wat doe ik dan als ik het merk, ga ik dan voor die 2 uur vragen om ze op mijn takenplaat te zetten.

Mijn worsteling met takenplaten en roostering is een worsteling met mijn macht/machteloosheid om de regie te houden over wat mijn belangrijkste goed is: TIJD

Voor nu is deze vaststelling genoeg. Prachtig, nooit gedacht dat ik hier zou uitkomen toen ik begon aan deze blog.

Verder Bericht

Vorige Bericht

Geef een reactie

© 2017 De lerende docent

Thema door Anders Norén

%d bloggers liken dit: