De lerende docent

In ontmoeting de volgende stap te zetten

Gelezen: Oorsprong, de innerlijke weg naar kennis.

IMG_1714De onderkant van de U van Otto Scharmer. Ik heb inmiddels ervaren dat daar bijzondere dingen gebeuren en dat ik er goed in ben om “erbij te zijn” op zo’n moment. Toch kan ik het niet voluit inzetten. Mijn vriendin zei: ‘je kan niet gewoon je hart volgen, je moet je hoofd ook meenemen.’ En het klopt, ik heb onderbouwing nodig van intuïtie.

IMG_1697 (1)

En dus ga ik redelijk intuïtief op zoek naar leesvoer: ik bestel

  • Oorsprong, de innerlijke weg naar kennis; Joseph Jaworski
  • Presence, een ontdekkingsreis naar diepgaande verandering in mensen en organisaties; Peter Senge, Otto Scharfer, Joseph Jaworski, Betty Sue Flowers
  • Economie, de wereld als één economie; Rudolf Steiner
  • Een levensregel voor beginners; Wil Derkse

Het raakt dus vooral in de zin van:

  • zij zijn er ook mee jaren van hun leven mee bezig, dus wellicht ben ik niet gek
  • hé, dat herken ik uit eigen ervaring
  • oh, dat is een mooie verdieping

Wat heeft het me opgeleverd. Ik heb veel meer beelden, woorden en inzichten rondom die bodem van de U, wat daar gebeurt en hoe het tot stand komt. En dat organisatiecultuur en “hoe doen wij de dingen” fors veranderd als je dit structureel in je organisatie wil inbouwen Dus ja, het was de moeite van het lezen waard.

Het verhaal van de weg en de reisgenoten.

Het is een verhaal over 4 grondbeginselen.

  • Het universum is open en emergent van aard
  • Het universum is een gebied van ongedeelde heelheid: zowel de materiële wereld als het bewustzijn maken deel uit van hetzelfde ongedeelde geheel.
  • Binnen het universum ligt een bron van oneindig potentieel besloten – de oorsprong
  • Mensen kunnen leren putten uit het oneindige potentieel van de Bron door een gedisciplineerd pad te kiezen dat leidt tot zelfverwezenlijking en liefde – de krachtigste energie in het universum

Toen ik dit nog voor de inhoudstafel tegenkwam vroeg ik me wel af waar ik aan begonnen was. Het mooie is dat het boek verhaalt hoe Joseph Jaworski aan die inzichten komt, met welke onderzoekers/wetenschappers bij befaamde instituten hij daarvoor over de hele wereld heeft gepraat, samengewerkt. Ik heb gelezen over de vasthoudendheid van al die mensen om te doorgronden, jarenlang te zoeken.

Mooi is ook dat je inzicht krijgt in hoe Theorie U is ontstaan, hoe de relatie ligt met Otto Scharmer en Peter Senge. Moest ook glimlachen toen ik in dit boek de wetenschappelijke onderbouwing las van de feiten die in de film “The power of the heart” naar voren kwamen.

Dus inderdaad: zij zijn er ook jaren van hun leven mee bezig, dus wellicht ben ik niet gek.

De kern in mijn eigen woorden. Je kan je verbinden met de Bron, aanvoelen wat het is dat in de realiteit/materiële wereld wil komen, dat dan gaan doen en daarmee geef je ook informatie terug aan de Bron.  Als je dat met meer mensen tegelijk leert te doen wordt het potentieel groter. En het vermoeden is dat het niet tegen ons gebruikt kan worden omdat “het goede” in de wereld wil komen.

De eigen ervaring onderbouwd.

De dialoog met natuur en gebouwen.

Het zijn maar een paar bladzijden en een paar voorbeelden. Toch helpt het mij dat de natuur zo’n prominente rol krijgt. Bij het innerlijke werk, nodig om vanuit de bron te leven en te werken is het 1 van de 3 mogelijkheden: contemplatieve oefeningen, energetische oefeningen en tijd in de natuur doorbrengen. (pg 173)

En voor mij nog belangrijker, dat de generatieve kracht van de natuur bevestigd wordt. Generatief als in dat je iets voortbrengt en tot leven wekt dat er nog niet was of dat opnieuw wordt herinnerd. Het linkt aan eigen ervaring.

Ian zei dat wanneer we ons alleen in de natuur bevinden, we een wereld van herinneringen van lang geleden binnen gaan en weer vrij worden. (pg 164)

Ians kijk op de generatieve kracht van de natuur is bevestigd door mijn rechtstreekse ervaringen in de loop van dertig jaar, met name mijn drie heel bijzondere communicatie-ervaringen met dieren. ( pg 164)

Bvb de wildernis-passage is een grensverleggende ervaring, de wortel van waaruit onze hoogste eigenschappen en ervaringen kunnen groeien. In de wildernis wordt zelf-bewustzijn geboren en dit kan op den duur rijpen tot een bijzonder soort bewustzijn dat al duizenden jaren lang in oude teksten is beschreven (pg 164)

Bijzonder is het ook dat “het bijzondere iets dat sommige gebouwen en ruimtes hebben” kort onderbouwd wordt. Je kan een ruimte conditioneren (pg 165). En de spannendste perspectiefomkering vond ik deze (kan blz niet meer vinden):

Kom niet naar deze ruimte om rust te vinden, maar breng je rust naar deze ruimte.

Hoe dikwijls gaan we ergens naartoe om iets te krijgen. De natuur, de kerk. Het boek heeft het belang van geven, van dialoog, ook met niet-mensen verdiept.

De link tussen moderne wetenschap en inheemse leringen. 
Mooi om inheems leringen op deze manier gelinkt te zien met moderne wetenschap. Fijn, goed voor het hoofd.
  • het een-zijn van alle verschijnselen en de onderlinge verbondenheid van alles in de natuur
  • impliciete of ingevouwen orde – een orde waarin het geheel in elk deel ervan is ingevouwen
  • alles wat bestaat is een uiting van relaties
  • natuur is een stroom van processen
IMG_1701

Oorsprong, pg 85

IMG_1702

Oorsprong, pg 86

De moed om prompt te handelen.
Ook een punt van leven en werken vanuit de bron. Met grote betrokkenheid je werk doen, wachten op de kubieke meter kans (pg 204) en dan ernaar handelen. Hetzelfde als wat Oprah hier het supreme moment of destiny noemt?
Ik vind dat geduld opbrengen niet zo evident en ben toch een beetje benauwd het moment te missen.
Om het even naar het ondernemerschap te trekken. Een groter vermogen tot het waarnemen van non-lokale informatie over bedrijfskansen en daar adequaat op reageren is ook een kenmerk van repeat entrepreneurs. (pg 142)
Oorsprong, pg 143

Oorsprong, pg 143

Co-intelligentie
Mijn bijen lijken het te kunnen, denken en handelen als geheel.
Voor Bohm is het duidelijk dat mensen een ingebouwde aanleg voor collectieve intelligentie hebben (pg 93)
De gespreksleader die het ‘binnenwerk’ heeft verricht ‘markeert het veld’, zet de toon voor de deelnemers en helpt via gedisciplineerde persoonlijke oefening weg te leren vinden naar dat dieper liggende gebied. Pas dan zullen de deelnemers als ‘een intelligentie’ beginnen te handelen, waardoor de ‘fenomenale capaciteiten’ die sluimerend in de groep aanwezig zijn zich kunnen manifesteren.
Het boek geeft ook 2 voorbeelden van organisaties die dit hebben ingevoerd en hun successen. En zoals ik al vermoedde ontkom je er dan niet aan om binnenwerk/gedisciplineerde persoonlijke oefening onderdeel te maken van de bedrijfscultuur. Denk aan reflectieve en contemplatieve oefeningen tijdens vergaderingen. Het lijkt me heerlijk, ik herken het ook vanuit het boek Reinventing organisations. D’r zitten alleen nogal wat overtuigingen dat dat niet professioneel/zakelijk zou zijn in de weg.
De echte dialoog
In de innerlijke gesteldheid gaat het erover waarom dialoog-groepen gebaseerd op het boekje On dialogue niet altijd werken.
‘Mensen werken er, los van de dialooggroepen, niet genoeg zelfstandig aan. Bohm en Lee waren tot de conclusie gekomen dat gespreksleiders en deelnemers bereid moesten zijn om diepgaand persoonlijk innerlijk werk te verrichten om vervolgens de vruchten daarvan terug naar de kring te brengen – en dat niet voor een keertje , maar op een consistente basis. Dat ‘zelfstandige’, in hun eentje te verrichten werk zou bijvoorbeeld vorm kunnen krijgen via een of andere contemplatieve praktijk zal meditatie, aandacht- en opmerkzaamheidstrainingen. Lee wees erop dat wanneer de geest stil is en het ego overstijgt, iets werkzaam wordt wat voorbij het denken gaat – een primair gewaar-zijn, een primair weten. Het is een bewustzijn dat losgekoppeld is van de wijze waarop wij onszelf en de wereld zien. – een waarachtig nieuwe vorm van inzicht, een toestand waarin het zelf even niet bestaat, maar waarin we ons niettemin intens bewust zijn.
En ik begrijp daarmee waarom een dialoogclub niet bleef leven, en een andere club niet tot waarachtig nieuwe inzichten komt. De ruimte maken en voelen om het persoonlijke werk te doen en het dan durven meenemen naar de kring. Het zijn stevige voorwaarden die ondersteuning van de bedrijfscultuur nodig hebben om zich te manifesteren.
En God dan. 
In Johns zienswijze is de bron zoiets wezenlijks, dat het niet onjuist is te stellen dat God uit de Bron voortkomt. John zei: ‘de Bron bestond al voor God. God, de Boeddha, Krishna – zij allen zijn ontsproten aan de bron (pg 206)
Alle grote spirituele tradities zijn uit de bron voortgekomen – hindoeïsme, christendom, jodendom, taoïsme, islam en alle inheemse religies. Religie is in de letterlijke zin des woords een vorm van ‘terugverbinding’ met de Bron via ons eigen, door ons menselijke, beperkte verstand en de cultureel bepaalde opvattingen van ‘waarheid’ of ‘God’ (pg 207)
Als we bidden of ons met de Bron verbinden, willen we graag het gevoel hebben dat we met ‘iemand’ spreken en contact hebben. De ultieme werkelijkheid gaat ons bevattingsvermogen te boven, iets waar we telkens mee geconfronteerd worden en wat ons nederig van geest stemt. (pg 206)
Heel kort door de bocht zouden religies dus vormen zijn die zich ontvouwd hebben vanuit de Bron. Om die ultieme werkelijkheid te kunnen bevatten.
En daarmee zijn ze volgens mij ook nuttig om het innerlijke werk te doen, maar dat staat dan weer nergens in het boek. Misschien omdat het gezien wordt als een omweg?

Verdieping

Stadium IV organisaties en leiders 
Stadium 4 organisaties zijn organisaties die emergerende toekomstmogelijkheden kunnen aanvoelen en realiseren (= nieuwe vorm van kenniscreatie)
Het gaat om het doorleven van de U. Wezenlijk daarbij zijn het openstaan voor andere wereldbeelden, het werken vanuit menselijke mogelijkheden, het aanboren van de generatieve mogelijkheden van het universum – de Bron. (pg 185)
Dat wat stadium IV leiders zijn, voelt voor mij als terug naar de oorsprong: Integriteit – toegewijd zijn aan de waarheid; Verantwoordelijkheid nemen en je plicht vervullen; Zelfdiscipline en het uitstel van beloning; Liefde en gemeenschap (pg 177)
En hoe krijg je dat stadium in de hele organisatie. Door scaffolding. Werk als vorm van pedagogie, onderwijswetenschap. (Pg 183). Scaffolding is de infrastructuur die de organisatie creëert om ervoor te zorgen dat iedere werknemer een andere werknemer leert wat hij of zij al heeft geleerd en tegelijkertijd iets nieuws van een ander leert die alweer een stapje verder in zijn ontwikkeling is. Volgens mij de ultieme toekomst van beroepsonderwijs.
Het contact met de bron
Er zijn 6 componenten die maken dat het contact met de Bron intensifieert: de kracht van het perspectief, de magie van metafoor, de rol van resonantie, gebruik maken van onzekerheid, conceptuele complementariteit, innerlijk zelfmanagement (pg 127)
Het ontvangen van kennis van de bron, de dialoog, gaat in stappen.
De ontdekker werkt in de overtuiging dat door zijn werk zijn geest wordt voorbereid op het ontvangen van een waarheid uit bronnen die buiten zijn rationele bereik liggen.
De structuur van kenniscreatie op deze manier: Losse hints komen in je op; emergentie van heuristische passie, gedreven door universele intentie; overgave en gevoel van dienstbaarheid; inherentie als dynamische kracht tot begrip; retraite en plotselinge verlichting; testen en verificatie. (pg 152)
Leven en werken vanuit de bron kent 3 belangrijke punten: de verschuiving van berusting naar mogelijkheid; het innerlijke werk; de moed om prompt te handelen. (pg 171)
Als we in verbinding met de Bron komen , is er sprake van dialoog. We handelen samen met de bron en participeren dus in de wijze waarop vorm zich ontvouwt.

Verder Bericht

Vorige Bericht

Geef een reactie

© 2018 De lerende docent

Thema door Anders Norén

%d bloggers liken dit: